Wij
leren U alle kantsoorten aan: van Brugse kant tot Turnhoutse kant. U leert
volgens eigen tempo.
Kantklossen
Vrijdagavond
van 18h30 - 21h00
Interesse?
neem dan contact
met ons op.
Kloskant wordt gemaakt met behulp van
kantklosjes. Deze klosjes worden altijd in paren gebruikt, die over het
gehele werk bij elkaar blijven behoren. Op deze klosjes worden draden
gewikkeld. Een ervaren kantklosster kan werken met honderden klosjes
tegelijk, die zeer snel om elkaar heen geslagen worden. Na het maken van
een aantal slagen wordt een speld in het patroon gestoken, wat het
vlechtwerk op zijn plaats houdt. Als een klosje leeg raakt, wordt er
opnieuw draad omheen gewonden, dat aan het uiteinde van de oude draad
wordt vastgeknoopt. Het knoopje wordt met een fijne schaar zo kort
mogelijk afgeknipt.
Het patroon wordt hier in Noordwest Europa
bevestigd op een groot plat kussen. Iedere streek en iedere kantsoort
heeft zijn eigen type van klosjes, kussens en patronen. Rolkussens worden
gebruikt als er lange stroken kant gemaakt moeten worden, blokkussens voor
grote patronen. Ook de klosjes verschillen per streek en per kantsoort. In
België en Nederland zijn ze meestal van beukenhout en hebben ze een
bolletje aan het einde voor het gewicht en zijn ze ongeveer 10 cm lang. In
Portugal zijn eens zo groot en veel zwaarder, omdat daar met dikke garen
op rolkussens wordt gewerkt. In Engeland zijn ze recht en flinterdun en
hebben ze soms kraaltjes voor het gewicht. Daar maakt men met flinterdun
garen, onder andere Honitonkant.
Iedere stad en iedere streek had vroeger zijn
eigen patronen en zijn eigen manier van werken. Je herkent daardoor aan de
kant vaak de streek waar hij is gemaakt. Het klossen van kant is een zeer
bewerkelijke techniek, die al eeuwen bestaat. Kant is zeer kostbaar, en
was daarom in het verleden alleen bereikbaar voor de zeer rijken. De
kostbaarste kant is van de dunste draden gemaakt. Om kant in kragen te
verwerken moet het worden verstevigd met stijfsel.
Kantklossen wordt met zorg levend gehouden. Het
is echter een hobby geworden en niet meer iets om de kost mee te
verdienen. Het uurloon zou het werk onbetaalbaar maken. De
werkomstandigheden van de kantklossters waren in het verleden bedroevend.
Zij werkten veelal in vochtige kelders. De reden hiervan was dat fijne
linnen draden, als zij te droog worden, erg snel breken.